Hieronder is de digitale versie van de SWS-liederenbundel weergegeven. De bundel is ook te downloaden als PDF-bestand om uit te printen. Ook is er tegenwoordig een Youtube-playlist met daarin het grootste gedeelte van deze geweldige nummers, zeker kijken dus!
Inhoudsopgave
Always look on the bright side of life
Batje Vier
Bier her
Brabant (“Overijssel”)
Chickies
Ein prosit
Fabeltjeskrant
Haar in m’n glas
Hakuna matata
Het grote bedanklied
Het is moeilijk bescheiden te blijven
Ik ben vandaag zo vrolijk
In de blote kont
Io vivat
Jan Klaassen de trompetter
Lauwe pis
Lauwe pis (SWS)
Lily the pink (Demosversie)
Mooi man
Mooi man (SWS)
Opzij
Poep in je hoofd
Rosanne
Schijt aan regels
Steenwieker toorn
SWS kapoentje
Tietenlied
The beer song
The wild rover
The wild student
Van de SWS
Walking down Canal Street
Always look on the bright side of life
Some things in life are bad,
They can really make you mad,
Other things just make you swear and curse,
When you’re chewing life’s gristle,
Don’t grumble,
Give a whistle
And this’ll help things turn out for the best.
And…
Always look on the bright side of life.
Always look on the light side of life.
If life seems jolly rotten,
There’s something you’ve forgotten,
And that’s to laugh and smile and dance and sing.
When you’re feeling in the dumps,
Don’t be silly chumps.
Just purse your lips and whistle.
That’s the thing.
And…
Always look on the bright side of life.
Always look on the right side of life,
For life is quite absurd
And death’s the final word.
You must always face the curtain with a bow.
Forget about your sin.
Give the audience a grin.
Enjoy it. It’s your last chance, anyhow.
So, …
Always look on the bright side of death,
Just before you draw your terminal breath.
Life’s a piece of shit,
When you look at it.
Life’s a laugh and death’s a joke it’s true.
You’ll see it’s all a show.
Keep ‘em laughing as you go.
Just remember that the last laugh is on you.
And…
Always look on the bright side of life…
Batje Vier
Leve de man die het bier uitvond
Hieperdepiep hoera!
Zoveel duizend jaar terug, ons land was enkel zee
Dronk men in China uit verveling thee
Maar wat een geluk voor ons, kwamen zij toen niet naar hier
Maar Batje Vier kwam langs de Rijn op een lekker vatje bier
Refrein:
Al kreeg ‘ie nooit ‘t lintje van verdienste op z’n borst
Dankzij de brouwer hebben we nooit meer dorst
Dus maak je borst en je glas maar nat en zeg ons plechtig na
Leve de man die het bier uitvond van je hieperdepiep hoera
En in Biervliet woonde een man, Jan-Willem Beukelszoon
Dat ‘ie haring kaakte vindt men nu heel gewoon
Maar hij heeft dat idee vast bij een biertje opgedaan
‘t Bier daar vliet-de lustig, zo kwam Biervliet aan zijn naam
Refrein
Nee, de oude Griekse tijd, dat zou voor ons niks zijn
Daar gaven ze voor straf een giftige beker wijn
Als ‘t nou bier geweest was dan dronk je ‘t met plezier
Dan zaten alle Grieken nou nog levenslang op bier
Refrein
Ja we danken nu bij deze de ontdekker van ‘t glas
De maker van het vat, van tapkraan en koolzuurgas
Maar voor de allergrootste, voor hem houden wij hier
Drie seconde stilte voor de ontdekker van het bier
Een-twee-drie
Refrein
Bier her
Bier her! Bier her!
Oder ich fall um, juchhei!
Bier her! Bier her!
Oder ich fall um!
Soll das Bier im Keller liegen
Und ich hier die Ohnmacht kriegen?
Bier her! Bier her!
Oder ich fall um!
Bier her! Bier her!
Oder ich fall um, juchhei!
Bier her! Bier her!
Wenn ich nicht gleich Bier bekomm’,
Schmeiss’ ich die ganze Kneipe um!
Bier her! Bier her!
Oder ich fall um!
Brabant (“Overijssel”)
Een muts op m’n hoofd
M’n kraag staat omhoog
‘t Is hier ijskoud
Maar gelukkig wel droog
De dagen zijn kort hier
De nacht begint vroeg
De mensen zijn stug en d’r is maar een kroeg
Als ik naar m’n hotel loop, na een donkere dag
Dan voel ik m’n huissleutel diep in m’n zak
Refrein:
En ik loop hier alleen in een te stille stad
Ik heb eigenlijk nooit last van heimwee gehad
Maar de mensen ze slapen, de wereld gaat dicht
En dan denk ik aan Brabant, want daar brandt nog licht
Ik mis hier de warmte van een dorpscafé
De aanspraak van mensen met een zachte ‘g’
Ik mis zelfs ‘t zeiken, op alles om niets
Was men maar op brabant zo trots als een fries
In ‘t zuiden vol zon, woon ik samen met jou
‘t Is daarom dat ik zo van brabanders hou
Refrein
De peel, en de kempen en de meijerij
Maar ‘t mooiste aan Brabant ben jij, dat ben jij
Refrein
En dan denk ik aan Brabant, want daar brandt nog licht
Chickies
Ik kwam in een café
Daar zaten allemaol chickies
Te lurken aan hun baco
Met iets heel straks an
Ik keek d’r ene aan
Daar werd ze heel geil van
Ein prosit
Ein prosit, ein Prosit
Der Gemutlichkeit
Ein Prosit, ein Prosit
Der Gemutlichkeit
Wer sauft geht kaput
Weer nicht sauft geht auch kaput
Also: saufen!
Fabeltjeskrant
Hallo meneer de Uil
Waar brengt u ons naar toe
Naar Fabeltjesland?
Eh, ja, naar Fabeltjesland
En leest u ons dan voor
Uit de Fabeltjeskrant?
Ja, ja, uit de Fabeltjeskrant
Want daarin staat precies vermeld
Hoe het met de dieren is gesteld
Echt waar?
Echt waar
Echt waar meneer de Uil?
Mmm
Want dieren zijn precies als mensen
Met dezelfde mensenwensen
En dezelfde mensenstreken
Dat komt allemaal in de krant
Van Fabeltjesland
Van Fabeltjesland
Van Fa-bel-tjes-land
Haar in m’n glas
D’r zit een haar in m’n glas
Op de grond ligt een tapijt van peuken
Ik wou dat jij hier nu was
Om je stevig in je reet te neuken
En doe maar niet net of je dat niet wil
Je weet zelf ook dat je het liefst hebt dat ik je verneder
Want, baby, je genoot toch ongewild
Elke keer dat we het op die manier met elkaar deden
D’r zit een haar in m’n glas
Nu ik weer aan je denk, krijg ik spontaan een stijve
D’r zit hier een hoer met één been
En ik hoor mezelf vragen of ik bij d’r mag blijven
En hoe het behang hier is afgebladderd
Is nog spik en span vergeleken met de staat van m’n hersens
En ik stel die spuithoer hier iets voor
Maar wat denk je, ze weet nog iets veel perversers
En ik laat het met me doen
In ruil voor een echte zoen
Een echte zoen, in al zijn eenvoud
Is het enige wat me hier nog op de been houdt
Hakuna matata
Hakuna Matata! What a wonderful phrase
- Hakuna Matata! Ain’t no passing craze…
It means no worries for the rest of your days
It’s our problem-free philosophy
Hakuna Matata!
- Hakuna Matata?
Yeah. It’s our motto!
- What’s a motto?
Nothing. What’s a-motto with you?
Those two words will solve all your problems
- That’s right. Take Pumbaa here
Why, when he was a young warthog…
When I was a young warthooooooog…
Very nice
- Thanks
He found his aroma lacked a certain appeal
He could clear the savannah after every meal
I’m a sensitive soul though I seem thick-skinned
And it hurt that my friends never stood downwind
And oh, the shame – He was ashamed
Thought of changin’ my name- What’s in a name?
And I got downhearted – How did ya feel?
Everytime that I…
Hey! Pumbaa! Not in front of the kids!
- Oh. Sorry
Hakuna Matata! What a wonderful phrase
Hakuna Matata! Ain’t no passing craze…
It means no worries for the rest of your days
It’s our problem-free philosophy
Hakuna Matata!
Hakuna Matata! Hakuna matata!
Hakuna Matata! Hakuna matata!
Hakuna Matata! Hakuna matata!
Hakuna Matata! Hakuna–
It means no worries for the rest of your days
It’s our problem-free philosophy
Hakuna Matata!
(Repeats)
Toen den Hertog Jan kwam varen
Toen de Hertog Jan kwam varen
Te peerd parmant, al triumfant
Na zevenhonderd jaren
Hoe zong men t’allen kant:
Harba lorifa, zong den Hertog,
Harba lorifa,
Na zevenhonderd jaren
In dit edel Brabants land.
Hij kwam van over ‘t water:
Den Scheldevloed, aan wal te voet,
‘t Antwerpen op de straten
Zilver veren op zijn hoed:
Harba lorifa, enz.
‘t Antwerpen op de straten,
Lere lezen aan zijn voet.
Och Turnhout, stedeke schone,
Zijn uw ruitjes groen, maar uw hertjes koen:
Laat den Herto binnenkomen
In dit zomers vrolijk seizoen
Harba lorifa, enz.
Laat den Hertog binnenkomen;
Hij heeft een peerd vandoen.
Hij heeft een peerd gekregen,
Een schoon wit peerd, een schimmelpeerd,
Daar is hij opgestegen,
Dien ridder onverveerd.
Harba lorifa, enz.
Daar is hij opgestegen
en hij reed naar Valkensweerd.
In Valkensweerd daar zaten daar zaten,
Al in de kast, de zilverkast
De gulde-koning zin platen,
Die werden aaneen gelast.
Harba lorifa, enz.
De guldekoning zijn platen,
Toen had hij een harnas.
Rooise boeren, komt naar buiten;
Met de grote trom, met de kleine trom,
Trompetten en cornetten ende fluiten,
Want den Hertog komt weerom.
Harba lorifa, enz.
Trompetten en cornetten ende fluiten,
In dit Brabants Hertogdom.
Wij reden allemaal samen
Op Oirschot aan, door een kanidasselaan,
En Jan riep: In Gods name!
Hier heb ik méér gestaan.
Harba lorifa, enz.
En Jan riep: In Gods name!
Reikt mij mijn standaard aan!
De standaard was de gouwe:
Die waaide dan, die draaide dan
Die droeg de leeuw mee klauwen,
Wij zongen alle man:
Harba lorifa, enz.
Die droeg de leeuw mee klauwen,
Ja, de leeuw van Hertog Jan!
Hij is in de n Bosch gekommen
Al in den nacht, en niemand zag’t,
En op de Sint Jan geklommen,
Daar ging hij staan op wacht!
Harba lorifa, enz.
En op de Sint Jan geklommen,
Daar staat hij dag en nacht!
Het grote bedanklied
Zonder onze … kunnen wij niet leven
Zonder onze … kunnen wij niet zijn
Hadden we onze … niet, dan waren wij zo vrolijk niet
Zonder onze … kunnen wij niet leven
Zonder onze … kunnen wij niet zijn
Hiep, hiep, hoera
Hiep, hiep, hoera
Hiep, hiep, hoera
Het is moeilijk bescheiden te blijven
Refrein:
‘t Is moeilijk bescheiden te blijven
Wanneer je zo goed bent als ik
Zo stoer, zo charmant en zo aardig
Dat zie je in één ogenblik
Ik denk als ik kijk in de spiegel
Daar staat een geweldige vent
‘t Is moeilijk bescheiden te blijven
Vor een kerel met zoveel talent
De allermooiste meiden
Die mij eenmaal hebben gezien
Die vallen meteen aan m’n voeten
Aan iedere teen minstens tien
Ik lig zelfs goed bij de mannen
Maar dat geeft me ook al geen kick
Want d’r is er niet één op de wereld die zo goed en beschaafd is als ik
Refrein
Ik wil ook geen filmcarrière
Zoals Houwer, de Gooyer, Krabbé,
En dat is voor hun dan weer mazzel
Zo hou ik ze uit de WW
Als ik mijn talent zou benutten
Dan was ik de top of the bill
Hoewel het gewoon is
Dan krijg je kapsones
En da’s nou net wat ik niet wil
Ik ben vandaag zo vrolijk
Ik ben vandaag zo vrolijk
Zo vrolijk, zo vrolijk
Ik ben behoorlijk vrolijk
Zo vrolijk was ik nooit
Ik was wel vaker vrolijk
Heel vrolijk, heel vrolijk
Maar zo behoorlijk vrolijk
Was ik tot nog toe nooit
Soms ben ik ongelukkig
Ontzettend ongelukkig
Soms ben ik ongelukkig
Dan sterf ik van verdriet
Soms ben ik wat neurotisch
Psychotisch en chaotisch
Labiel en neogotisch
Maar vandaag dus niet
Vandaag ben ik zo vrolijk
Zo vrolijk, zo vrolijk
Ik ben behoorlijk vrolijk
Zo vrolijk was ik nooit
Soms ben ik ongelukkig
Ontzettend ongelukkig
Soms ben ik ongelukkig
Dan sterf ik van verdriet
Soms ben ik wat neurotisch
Psychotisch en chaotisch
Labiel en neogotisch
Maar vandaag dus niet
Ik ben vandaag zo vrolijk
Zo vrolijk, zo vrolijk
Ik ben behoorlijk vrolijk
Zo vrolijk was ik nooit
In de blote kont
Aas ik op de baank zit, laanguut veur de buis
Rustig met een pilsje in mien hand
De kat is nog lang niet thuus
En plots dan geet de deur los, en sloat de sirene aan
Denk moar niet da’k ‘r aans van word, ha, in de blote kont
Refrein:
We zingen en we springen we daansen in het rond
In de blote kont, in de blote kont
Wij heff’n ‘t glas omhoog en zett’n ‘t aan de mond
In de blote kont
Aas ik op mien wark kom, wat he’k dan misdoan
Collega’s bent jaloers op pad, en ik weet nergens van
Na he doe niet zo raar man, en stel joe niet zo aan
Denk moar niet da’k ‘r aans van word, ha, in de blote kont
Refrein
Als alles een beetie teeg’n zit, en niks joe interreseert
En mens’n joe roar aanloer’n, net of aj eh niks heb’m leert
Gooi dan een lach om je mond en durf te zeg’n:
Ha, in de blote kont!
Refrein (2x)
In de blote kont
In de blote kont…
Io vivat
Refrein:
Io vivat
Io vivat
Nostrorum sanitas
Hoc est amoris poculum
Doloris est antidotum
Refrein (2x)
Dum nihil est in poculo
Iam repleatur denuo
Refrein (2x)
Nos iungit amicitia
Et vinum praebet gaudia
Jan Klaassen de trompetter
Refrein:
Jan Klaassen was trompetter in het leger van de prins
Hij marcheerde van Den Helder tot den briel
Hij had geen geld, en hij was geen held
En hij hield niet van het krijgsgeweld
Maar trompetter was hij wel in hart en ziel.
Het leger sloeg zen tenten op voor Alkmaar in het veld.
en zolang geen vijand zich liet zien was iedereen een held.
De kroeg werd als strategisch punt door het hoofdkwartier bezet.
De officier brulde: Jan god speel op je trompet!
Ze werden wakker in de goot in de morgen eer en koud
Maar Jan Klaassen sliep in de armen van de dochter van de schout
Refrein
De prins trok op inspectie tot de majoor van de compagnie
Ik zag hier alle stukken wel van mijn artillerie,
Ja zelfs dat kleine in uw kraag en dat blonde in uw bed
Maar waar zit das stuk ongeluk van een Jan met z’n trompet?
En niemand die Jan Klassen zag die bij de stadspoort zat
en honderd liedjes speeldde voor de kind’ren van de stad
Refrein
Jan Klaassen zei: Vaarwel mijn lief ik zie je volgend jaar
Wanneer de lente terugkomt dan zijn wij weer bij elkaar
De winter ging, de zomer kwam
De oorlog was voorbij
Maar het leger is nooit teruggekeerd van de Mokerhei
Geen mens die van Jan Klaassen iets teruggevonden heeft
maar alle kinderen kennen hem,
hij is niet dood, Hij leeft!
Refrein
Hij had geen geld en hij was geen held
En hij hield niet van het krijgsgeweld
Maar trompetter was hij wel in hart en ziel!
Lauwe pis
In Afrika daar smaken rauwe bonen nogal zoet
Omdat er altijd ergens wel een hongersnoodje woedt
Je zit dan psychologisch net iets sneller in een dal
Daarom zeg ik Afrikaantjes vier toch ook eens carnaval
Ze maken mij de pis niet lauw
Het heeft tieten, zit te zeiken, drie keer raden ja een vrouw
Ze maken mij de pis niet lauw
Ik ben een beetje misselijk hoop dat ‘k het binnen hou
En in het midden oosten daar heb je een conflict
Daar lijkt mij polonaise uitermate voor geschikt
Argumenten gaan dan ongemerkt over in gelal
Nou dan hoor je al van verre, ja daar is het carnaval
Ze maken mij de pis niet lauw
Hup kom op die beentjes wijd ik blijf je altijd trouw
Ze maken mij de pis niet lauw
Dat is geen schoudervulling, nee dat is gewoon m’n bouw
Amerika, het land van Bush dat is de president
Het zijn de nieuwe nazis al word dat door hun ontkend
Ze roeiden indianen uit, een volk kwam ten val
Ja, d’r zijn nog indianen maar alleen met carnaval
Ze maken mij de pis niet lauw
Ik hou van jonge meisjes, want die zijn zo lekker nauw
Ze maken mij de pis niet lauw
Doe maar weer een ander ik verveel me nogal gauw
In China daar eet iedereen elke dag Chinees
Dat kan toch nooit gezond zijn, altijd bami met wat vlees Daarom adviseer ik frietje met of broodje bal
Want dat is wat wij eten hier tijdens carnaval
Ze maken mij de pis niet lauw
Het kan heel even pijn doen als ik ‘m naar binnen douw
Ze maken mij de pis niet lauw
De boodschap die is duidelijk, hou maar op met dat ge-au
Nee, dan de buitenlanders, wat zijn het er toch veel
Dat heet dan met een mooi woord multicultureel
Ja, ik zeg niet dat het vol is want dan klinkt er straks een knal
En dat kan ik niet gebruiken want dan mis ik carnaval
Ze maken mij de pis niet lauw
Er zit ook wel wat bloed bij maar het meeste is cacao
Ze maken mij de pis niet lauw
Dat wijf dat moet niet zeiken zolang ik d’r onderhou
Alle moslim terroristen, of ja een heleboel
Die zijn bereid te sterven voor een hoger doel
Want dan mag je maagden neuken, in kleine honderdtal
Maar dat is nog altijd minder als ik met carnaval
Lauwe pis (SWS)
In Delft daar smaken rauwe bonen nogal zout
Want om elk hoekje daar staat er wel en wout
Je zit dan economisch net iets sneller in een dal
Daarom zeg ik ach agentjes vier toch ook eens carnaval
Lily the pink (Demosversie)
Refrein:
We’ll have a drink, a drink
To Lilly the pink, the pink, the pink
The saviour of the human race
For she invented a wondrous compound
To make man fuck with style and grace
Now mister Morgan had a very small organ
He could hardly raise a stand
So Lilly the pink gave him her wondrous compound
And now he comes in either hand.
Refrein
Now mister Dooley had very small goolies
They were the size of processed peas
So Lilly gave him the wondrous compound
And now they hang below his knees.
Refrein
Now Mrs. Walker had tiny knockers
They hardly showed beneath her blouse
So Lilly gave her wondrous compound
Now they milk her with the cows.
Refrein
To make man fuck with style and grace
Mooi man
Wij benn’n de boertjes van het platteland
We houden van het leven, een biertje in de hand
En als het werk gedaan is op de boerderij
Gaan we ‘s avonds naar de kroeg, want dan benn’n we vrij
Refrein:
Ja, dat is mooi, mooi, mooi man
Het leven dat is één groot feest
Mooi, mooi, mooi man
Zoepen als een grote en tekeer gaan als een beest
We trekken aan de belle, onze tonge is als leer
We drinken dan een pilsie en praat wat over ‘t weer
Dan nemen nog die letste en gaan al snel naar huus
En bent zoals gewoonlijk tegen werkenstied weer thuus
Refrein
‘s Morgens word ik wakker en denk schiet mij maar lek
Pien in de harses en een dreuge bek
Stap ik op de trekker, scheur wat heen en weer
Heur ik op de radio datzelfde deuntje weer
Refrein
Hooien, melken, gieren, dat doen wij met veel lol
Maar Braks met al zijn quotals, die maakt het echt te dol
De natuur en milieu dat gaat ons aan het hart
Dus drinken wij alleen maar het zuiver gerstenat
Mooi man (SWS)
Wij zijn de heren van de SWS
We houden van studeren, en gaan dus nooit naar “les”
En zodra de studie klaar is, op de TU/e
Gaan we naar de societeit
En dan drinkt wij mee
Ja, dat is mooi, mooi, mooi man
Studeren dat is één groot feest
College met een kater
En zo zat nog nooit geweest
Oerend hard
Ik zeg oeh (oeh)
Ik zeg aah (aah)
Ik zeg oeh (oeh)
Oeh (oeh)
Oehoe oehoerend hard
Kwamen sie daor aangescheurd
Oehoe oehoerend hard
Want zie hadden van de motorcross geheurd
Langzaam rijden dat deeien zie nooit
Dat vonden zie toch maar tied verknooid
Bertus op zien Norton
En Tinus op de BSA
Naar de motorcross op het Hengelse zand
De hoender en de vrouw die stoven aan de kant
Bertus op zien Norton
En Tinus op de BSA
Zie gingen oeh, oehoe oehoe
Oehoe oehoe oehoerend hard
Zie gingen oeh, oehoe oehoe
Oehoe oehoe oehoerend hard
Oehoe oehoerend hard
Scheurden zie na de cross naar huus
Oehoe oehoerend hard
Want dan waren zie eerder thuus
Zie hadden alderbarstend gein gehad
Zie waren allebei een heel klein beetjen zat
Bertus op zien Norton en Tinus op de BSA
Aan ‘t gevaor hadden zie nog nooit gedacht
Zie waren koning op de weg en dachten alles mag
Bertus op zien Norton en Tinus op de BSA
Zie gingen oeh, oehoe oehoe
Oehoe oehoe oehoerend hard
Zie gingen oeh, oehoe oehoe
Oehoe oehoe oehoerend hard
Maar zoals altied kom an dat gejakker een end
Deur ‘n zatte kerel die de snelheid van een motor niet kent
Bertus ree d’r op en Tinus kwam d’r vlak achteran
Iedereen die zei van die lui heur-ie nooit meer wat van
Zie gingen nooit, nee nee nooit
Nooit meer oerend hard
Zie gingen nooit, nee nee nooit
Nooit meer oerend hard
Maar wie gaot oeh, oehoe oehoe
Oehoe oehoe oehoerend hard
Maar wie gaot oeh, oehoe oehoe
Oehoe oehoe oehoerend hard
En wie gaot oeh, oehoe oehoe
Oehoe oehoe oehoerend hard
En wie gaot oeh, oehoe oehoe
Oehoe oehoe oehoerend hard
En wie gaot oeh, oehoe oehoe
Oehoe oehoe oehoerend hard
En wie gaot oeh, oehoe oehoe
Oehoe oehoe oehoerend hard
Opzij
Opzij, opzij, opzij
Maak plaats, maak plaats, maak plaats
De SWS heeft ongelofelijke haast
We moeten drinken blowen vallen opstaan en weer doorgaan
Poep in je hoofd
Poep in je hoofd!
Zal ik jou eens effe lekker in je bek schijten
of heb je al poep, poep in je hoofd
Poep in je hoofd, poep in je hoofd
Wat maakt het uit, als je maar gelooft
Poep in je hoofd, poep in je hoofd
Wat maakt het uit!
Zal ik jou eens effe lekker in je bek schijten
of heb je al poep, poep in je hoofd
Lekker, lekker, jaaaaaaaaaaaaaa
Poep in je hoofd, poep in je hoofd
Wat maakt het uit, als je maar gelooft
Poep in je hoofd, poep in je hoofd
Wat maakt het uit!
Zal ik jou eens effe lekker in je bek schijten
of heb je al poep, poep in je hoofd
Lekker, lekker, jaaaaaaaaaaaaaa
Rosanne
Refrein:
Rosanne ik weet dat er heel veel mannen zijn
Elke keer weer een ander en mij doet ‘t pijn
Want jouw liefde waarmee jij mij soms verblijdt
Wil ik liever liever liever liever voor altijd
Als ik dacht dat ik je had dan had jij je weer bedacht
Onvoorspelbaar en zo onverwacht
Ik keek maar toe hoe jij mij in verwarring bracht
Ik wil zekerheid dat ik bij jou ben vannacht
Oh oh oh
Refrein
Jij kan je rust niet vinden jouw geest is veel te vrij
Jij bent morgen weer anders dan vandaag
Jij wilt je nog niet binden maar dat hoeft ook niet van mij
Ik wil gewoon die zoen het is al dat ik vraag
Oh oh oh
Refrein
Weet wel dat ik hier op je wachten zal
Tot je eindelijk je rust vindt bij mij
Oh oh oh
Refrein
Wil ik liever liever liever liever voor altijd (2x)
Schijt aan regels
Ik ben al wat daogen een beetie dwars op alles
Weet niet wat het geval is
Zal ik me wel gedragen?
Die bobo’s bepalen wat wel mag of wat niet mag
Daarvan krijg ik een glimlach
Ik ga er tegenin
Refrein:
Want kijk en dat is nou typisch Nederland
En al die regels hangt hier aan de wand
Misschien ben ik wel wat te streng
Zoals ik het hier wat donker breng
Want soms dan vind ik er geen flikker aan
Als ik me niet eem fijn kan laten gaan
En ik bedoel het niet zo slecht
Maar het helpt als ik soms zeg…
Wij hebben schijt aan regels, jalalalalalala
Schijt aan regels, jalalalalalala
Wij hebben schijt aan regels, jalalalalalala
En wie heb er nooit schijt aan regels
Want die mag van ons wel gaan
En weet-ie waar ik nou het hardste om moet lachen
Dan moe’je eens eem wachten wat ik joe nou ga zeggen
Soms moe’je dan gewoon doen alsof ‘t joe niks kan schelen
Heur niks van die bevelen
Ik ga er tegenin
Refrein
En wie heb er nooit schijt aan regels
Want die mag van ons wel gaan!
Steenwieker toorn
Refrein:
Steenwieker toorn, de mist van de kaampe
In het ochtendgloorn
De zun als een lampe
Op de Steenwieker toorn
‘k Heb overal gezeten
‘k Heb zoveule reisd
Ach ie moesten ‘s weten
Woar ik al bier hebbe hijst
Kan overal aan marken
Da’k hier ben geboorn
Want dan mis ik de grote karke
En de Steenwieker toorn
Refrein
De Onnegiestroate
De markt, het Diep
Als ik geen Steenwieks meer praote
Krieg ik steeds de griep
Geen plaotse op eerde kan mij meer bekoorn
Want ik ken de weerde van de Steenwieker toorn
Refrein (3x)
Jalalalalalala…
Jalalalalalala…
SWS kapoentje
SWS kapoentje
Een jointje in m’n schoentje
Een biertje in m’n laarsje
We drinken nog een glaasje
Tietenlied
Gisteren was het leven nog gewoon zoals het was
speelde ik op straat en was mijn klas gewoon mijn klas
ik dacht dat het zo hoorde
en dat alles blijven zou
ik was ook wel eens vervelend
maar ik had alles, wat ik wou
ik was net als alle andere anderen
er was niets geks aan mij
ik had heus ook wel eens ruzie
maar ik hoorde er toch bij
met voetbal, plaatjes, flippo’s en ik speelde met mijn pop
maar sinds een uur geleden staat m’n wereld op zijn kop
Refrein:
ik zat in bad, gewoon in bad
een beetje met het sop te klieren
je weet wel met die vlokken schuim
mijn buik en schouders te versieren
voel ik ineens twee kleine bobbels
waar volgens mij eerst nog niks zat
niet veel, maar toch
het zijn echt twee bobbels
en dat hoort niet
ik hoor plat
Dus sinds een uur ben ik nu niet meer te genieten
help, help, help, help! ik krijg tieten…
Tieten, zij krijgt tieten
tieten, echte tieten
Hoe moet dat nou met gym
en van de zomer op het strand
dan zien ze die twee dingen en dan val ik door de mand
nu kan ik nog een trui aan
zodat je nergens wat van ziet
want niemand mag het weten en vooral de jongens niet
Yvonne heeft ze ook wel, maar dat is alleen maar vet
zal ik zeggen dat ik ziek ben
dan blijf ik een jaar in bed
ik ga niet meer naar school
ik neem desnoods een krantenwijk
want dit wordt steeds maar erger als ik naar mijn zussen kijk
Refrein
Tieten, zij krijgt tieten
tieten, echte tieten
Tieten, zij heeft tieten
Tieten, geile tieten
The beer song
What is the malted liquor
What gets you drunker quicker
What comes in bottles or in cans (BEER!)
Can’t get enough of it (BEER!)
How we really love it (BEER!)
Makes me think I’m a man (BEER!)
I could kiss I could hug it (BEER!)
But I rather chug it (BEER!)
Put my belly up to here (BEER!)
I could not refuse it (BEER!)
I could really use a beer beer beer
Beer Beer Beer Beer Beer Beer Beer Beer
I can’t remember how much I have had
I drank a twelve pack with my dad (Burrrrrp)
That’s my son the drunken manly stud
I’m proud to be his bud
Here have some pretzels
No! I’ll call it quits
Those things give me the schlitz
Drink it with your family
Drink it with your friends
Drink till you’re fat
Stomach distends
Beer it’s liquid bread it’s good for you
We like to drink till we spew – ew
Who cares if we get fat
I’ll drink to that
As we sing once more
What is the malted liquor
What gets you drunker quicker
What comes in bottles or in cans (BEER!)
Can’t get enough of it (BEER!)
How we really love it (BEER!)
Makes me think I’m a man (BEER!)
I could kiss I could hug it (BEER!)
But I rather chug it (BEER!)
Put my belly up to here (BEER!)
Golly I adore it, come on damn it, pour it
Do it for me brew it for me, feed it to me
speed it to me (BEER!)
The most wonderful drink in the world, hooray!
The wild rover
I’ve been a wild rover for many a year
And I spent all my money on whiskey and beer
And now I’m returning with gold in great store
And I never will play the wild rover no more
Refrein:
And it’s no, nay, never,
No nay never no more,
Will I play the wild rover
No never no more.
I went to an ale-house I used to frequent
And I told the landlady my money was spent.
I asked her for credit, she answered me “nay
Such a custom as yours I could have any day.”
Refrein
I took from my pocket ten sovereigns bright
And the landlady’s eyes opened wide with delight.
She said “I have whiskey and wines of the best
And the words that I spoke sure were only in jest.”
Refrein
I’ll go home to my parents, confess what I’ve done
And I’ll ask them to pardon their prodigal son.
And if they caress me as ofttimes before
Sure I never will play the wild rover no more.
The wild student
I’ve been a wild student for many a year
And I spent all my money on whiskey and beer
And now I’m returning, did not pass the test
Because in the bar I was always the best
Refrein:
And it’s no nay never
No nay never no more
Will I play the wild student
No never no more
I went to my parents confessed what I’ve done
And I asked them to pardon their poor little son
And they have caressed me as ofttimes before
So I’ll never will play the wild student no more
Refrein
Then I went back to school, with souvereigns bright
And the barkeepers eyes opend wide with delight
He said “I have whiskey and beer of the best”
And the words that I told him were only a gest
Van de SWS
Aas ik in de limo zit
Heerlijk onderuit
Een sigaar en een pilsje in mien hand
Net van de TU af
Maar plots dan is er een agent
En slaat de sirene aan
Denk maar niet da’k d’r aans van word,
‘k Ben van de SWS!
Walking down Canal Street
Walking down Canal Street
Knock on every door
Goddamn son of a bitch
I couldn’t find a whore
I finally found a whore
She was rather thin
Goddamn son of a bitch
I couldn’t get it in
I finally got it in
Worked it all about
Goddamn son of a bitch
I couldn’t get it out
I finally got it out
It was red and sore
The moral of this story is
To never fuck a whore
To fuck a whore!
To fuck a whore!
Neuk een hoer!